Op deze pagina
In 2026 bestaan twee berekeningen naast elkaar
Voor het forfaitaire rendement wordt gekeken naar de verdeling van het Box 3-vermogen op 1 januari. Voor overige bezittingen, waaronder verhuurde woningen, staat het 2026-percentage op 6,00%. Voor banktegoeden en schulden zijn 1,28% en 2,70% nog voorlopig; de Belastingdienst stelt die begin 2027 definitief vast.
Is het werkelijke rendement over het gehele Box 3-vermogen lager, dan kan de tegenbewijsregeling relevant zijn. Deze bestaande regeling moet worden onderscheiden van het toekomstige stelsel. Huur, rente en waardeverandering spelen daarbij samen; alleen de opbrengst van één geselecteerd pand berekenen is onvoldoende.
De fiscale waarde is niet altijd de verkoopwaarde
Voor een Nederlandse woning is de toepasselijke WOZ-waarde het vertrekpunt. Bij passende verhuur met huurbescherming kan de leegwaarderatio relevant zijn. De tabel gebruikt de verhouding tussen kale jaarhuur en WOZ. Tijdelijke verhuur en onzakelijke verhuur aan een gelieerde partij kennen uitzonderingen.
Bewaar daarom de WOZ-beschikkingen met hun waardepeildata en het huurcontract. Splits kale huur en servicekosten. Een verkoopwaarde in verhuurde staat is geen bedrag dat zonder toets in elke belastingberekening kan worden overgenomen. De fiscalist beoordeelt welke grondslag en eventuele afwijkingsregeling in uw situatie gelden.
Kasstroom en werkelijk rendement zijn verschillend
Een verhuurder kan onderhoud betalen en toch fiscaal een positief rendement hebben. Onder de huidige tegenbewijsregeling zijn onderhoudskosten niet gewoon aftrekbaar; betaalde rente op Box 3-schulden wel. Ook niet-gerealiseerde waardeveranderingen kunnen meetellen. De heffingsvrije vermogensruimte werkt bij werkelijk rendement niet op dezelfde manier: daar geldt geen dergelijke vrijstelling.
Een verbetering is evenmin automatisch een jaarlijkse kostenaftrek. De Belastingdienst beschrijft onder voorwaarden een correctie voor het deel van de WOZ-stijging dat door de gemelde investering ontstaat. Houd onderhoud, verbetering, financiering en aflossing daarom uit elkaar. Een verbouwingsfactuur verlaagt de belasting niet vanzelf.
2028 is op deze peildatum een beoogde invoering
De Tweede Kamer nam de Wet werkelijk rendement Box 3 op 12 februari 2026 aan. De stemming over het wetsvoorstel in de Eerste Kamer is aangehouden in verband met aangekondigde wijzigingen. De novelle voor uitbreiding van vermogenswinstbelasting bevond zich volgens de Wetgevingskalender na 2 oktober 2026 in het adviestraject bij de Raad van State.
Voorstellen voor toekomstige behandeling van huur, kosten en verkoopwinst zijn daarom geen definitieve rekentabel voor uw pand. Laat bij een langetermijnbesluit meerdere scenario’s doorrekenen en controleer de wet opnieuw zodra een concreet besluit wordt genomen.
Welke stukken helpen bij een vastgoedanalyse?
Voor een eerste gesprek zijn de hoofdlijnen van het pand, het gebruik en uw vraag voldoende. Stuur geen BSN, identiteitsbewijs of volledige belastingaangifte mee. Vraag ook geen onnodige persoonsgegevens van huurders op. Voor afgesproken vervolgonderzoek bepalen we welke stukken nodig zijn en wie die beoordeelt.
- WOZ-beschikkingen, huurafspraken en kale huuropbrengsten.
- Schuldstanden, werkelijke rente en financieringsvoorwaarden.
- Onderhoudsplan, VvE-kosten en afzonderlijke verbeteringsinvesteringen.
- Uw doelen, beschikbare middelen en gewenste termijn.
Vragen over dit onderwerp
Moet ik door Box 3 verkopen?
Dat volgt niet uit één algemene regel. Vergelijk kasstroom, onderhoud, huurrecht, financiering en uw doelen. Behouden, passend renoveren, samenwerken en verkopen kunnen verschillende uitkomsten geven.
Wat doet Pandgenoot bij deze vraag?
We kunnen de vastgoedgegevens ordenen en mogelijke vervolgroutes vergelijken. Uitgebreid onderzoek krijgt vooraf een afgesproken scope en vergoeding. De persoonlijke fiscale beoordeling blijft bij uw fiscalist.
Bronnen en peildatum
Bronnen gecontroleerd op 24 oktober 2026.
- Belastingdienst — berekening voorlopige aanslag Box 3 in 2026
- Belastingdienst — werkelijk rendement, kosten en verbeteringen
- Belastingdienst — leegwaarderatio 2023–2026 en uitzonderingen
- Eerste Kamer — dossier 36.748, Wet werkelijk rendement Box 3
- Wetgevingskalender — novelle, ministerraad en adviesaanvraag 2 oktober 2026
- Eerste Kamer — korte aantekeningen commissie Financiën, besluit 13 oktober 2026
